Blog

"Wie nooit mislukt is niet goed genoeg"

Piet_Vanthemse_interview_-_hoog_3B.jpg Hij heeft zes verschillende carrières achter de rug, en toch kijkt hij nog steeds vooruit. Zijn recht-door-zee advies? “Vind jezelf opnieuw uit.” En: “Wie denkt dat hij zijn loopbaan kan voorspellen, is een zeveraar.” In vogelvlucht door de ‘flexibele carrière’ van Piet Vanthemsche (59), voorzitter van de Boerenbond. 

1980-1986: Zelfstandig veearts
Landbouwers zijn eigenzinnige mensen met de beide voeten stevig op de grond. De vleesgeworden nuchterheid, zeg maar. Die karaktertrek herken ik ook meteen in Piet Vanthemsche, die ooit startte als zelfstandig veearts in Tielt en… landbouwers tot zijn dagelijks cliënteel had. “Zes jaar verzorgde ik dieren van de boeren. In die periode ben ik streetwise geworden. Niemand kan me nog iets wijsmaken. Ik ontwikkelde sociale vaardigheden, maakte nieuwe klanten en leerde onderhandelen. Iedereen zou dit moeten doen bij de start van zijn loopbaan.” 

“In die periode ben ik streetwise geworden. Niemand kan me nog iets wijsmaken.”

Vanthemsche vat graag de koe bij de hoorns, in daden en oneliners: “Ik heb sterke uitdagingen nodig om echt op dreef op te komen. Eigenlijk presteer ik alleen maar onder druk. Als ik in de routine terechtkom, begin ik me te stierlijk te vervelen, en word ik lui. Dat is ook een van de redenen waarom ik regelmatig van job veranderd ben. Maar als ik mooie uitdagingen zie, kan ik me geweldig opladen om te presteren. En als ik opportuniteiten zie, dan grijp ik die.”

1986–1992: Van ambtenaar tot crisismanager
Na zes jaar veeartsenpraktijk hield Piet Vanthemsche het voor bekeken. Zijn vrouw, die tot dan als ‘vrouw van een zelfstandige’ thuisbleef om de telefoons op te nemen, wou een ‘echte’ job en startte als verpleegster in het UZ Gent. Piet: “Ik had het ook een beetje gezien als veearts, en deed mee aan het staatsexamen voor ambtenaren in 1986. Ik startte er nog als dierenarts aan het ministerie van Landbouw, maar klom snel op, waarschijnlijk omdat ik een goeie crisismanager was. Al was het een enorme cultuurschok in het begin. Van de totale vrijheid beland je in een systeem vol regels en procedures. De eerste jaren was ik een echte specialist in dierziektebestrijding, maar ik ontdekte kwaliteiten waarvan ik niet wist dat ik ze had: leiding geven, risico’s nemen en plannen. In 1993 werd ik stafmedewerker van de secretaris-generaal in het ministerie van Landbouw.

“Ik ontdekte kwaliteiten waarvan ik niet wist dat ik ze had: leiding geven, risico’s nemen en plannen.”

Gedurende een jaar heb ik toen elke zaterdag opgeofferd om moeilijke dossiers in te studeren. Zo kweekte ik de reputatie van een dossiervreter.” 

1997-1999: Kabinetschef ministerie van Landbouw en Middenstand
In 1997 nam zijn carrière een nieuwe wending: Karel Pinxten, toenmalig minister van Landbouw en Middenstand vroeg hem als kabinetschef. “Maar ik ken daar niets van”, zei ik tegen Karel, waarop die antwoordde: “Ik ben nu minister van Landbouw en vroeger was mijn specialiteit mobiliteit. Toen was ik gerust.” 
Het typeert Vanthemsche ten voeten uit: hij schuwt het risico niet, al belandde hij al snel in het oog van een politieke storm door de dioxinecrisis. “Bij de ondervragingen door de parlementaire onderzoekscommissie rond de dioxinecrisis werden de ambtenaren heel onheus behandeld. Wie zich niet weerbaar opstelde, werd afgeslacht.” In december 1999 gaf hij op televisie ‘live’ zijn ontslag. Een carrièrezet die wel heel onalledaags is, maar Vanthemsche had het minutieus voorbereid, het was verre van een impulsieve wanhoopsdaad. Piet: “Eerst en vooral wou ik een statement maken dat je zo niet met ambtenaren omgaat. Men was echt op zoek naar zondebokken. Ik voelde ook aan dat ik een groot risico liep om als topambtenaar weggepromoveerd - zeg maar ‘geïsoleerd’ -  te worden met een bureau, gazet, telefoon en koffie. Ik wou dit ten alle prijze vermijden. Maar eigenlijk had ik voor mezelf in juli van dat jaar al uitgemaakt dat ik nieuwe horizonten wou opzoeken.”  

2000-2002: Consultant voedselveiligheid
Wat je Vanthemsche absoluut niet kan aanwrijven is dat hij voor de weg van de minste weerstand koos in zijn carrière. Integendeel, in 2000 stond hij opnieuw op eigen benen en startte hij een eigen bedrijf in consultancy. “Ik verkocht advies rond kwaliteitssystemen en voedselveiligheid aan de voedingssector én de overheid. Toen heb ik mezelf pas echt heruitgevonden. Ik leerde met de computer werken, moest zelf weer mijn postzegels op brieven plakken,… Als kabinetschef werd er veel voor mij gedaan, ik had een secretaresse en een schare adviseurs. Nu moest ik mijn eigen boontjes doppen. Eén keer raakte ik ‘s avonds een tekst van 35 pagina’s kwijt, een advies aan de zuivelindustrie. ’s Morgens moest ik die leveren, ik heb dan maar de hele nacht doorgewerkt. Ik ben sowieso een deadline-mens, het is een deel van mijn persoonlijkheid.” 

“Toen heb ik mezelf pas echt heruitgevonden.”

Zijn vrouw vond dat haar man een groot risico nam. Bovendien liepen er intussen drie opgroeiende tieners rond, en die kostten handenvol geld. (lacht) “Ze verklaarde me zot, maar ik wist waarmee ik bezig was, en leerde dat het heel nuttig is om jezelf opnieuw te moeten beredderen. Het verlost je van het syndroom dat alles voor je gedaan wordt.” 
Ook over de opvoeding van kinderen heeft hij een stevige mening klaar. “Toen onze kinderen twaalf waren, trokken ze op internaat. ‘Is er soms een probleem in het gezin?’, hoorde ik links en rechts. Ook al bleek het toen een harde keuze – vooral voor mijn echtgenote -  het was wel een goeie. Zo werden mijn kinderen sneller zelfstandig, omdat ze uit hun comfortzone werden gerukt, waardoor ze uitgedaagd werden. Weet je, ik bemoederde mijn kinderen niet graag. Hotel mama en papa heeft bij ons nooit bestaan. Onze band met de kinderen is heel hecht, je moet daarvoor niet op elkaars lip leven.” 

2002-2006: Gedelegeerd bestuurder Federaal Voedselagentschap
In 2002 woedde er een crisis bij het Federaal Voedselagentschap, en waar er crisissen zijn is Vanthemsche een en al oor. “De gedelegeerd bestuurder werd ontslagen, ik solliciteerde voor de vacature en werd geselecteerd uit 123 kandidaten. Ik ben fier op wat ik daar gerealiseerd heb. Uit een rokende puinhoop bouwden we een professionele organisatie en voerden we een ingrijpend veranderingsproces door. Ik spendeerde tachtig werkdagen per jaar aan rechtstreekse contacten met mijn personeel, van de poetsvrouw tot de topexpert. Mijn boodschap? ‘Ik sta hier, leeg je zak, en vertel me wat er op je lever ligt.’ Zo kun je werknemers meenemen in uw visie. Als leidinggevende moet je crisissen kunnen overleven om er lessen uit te kunnen trekken. Maar je moet ook een omgeving durven creëren waarin mensen risico’s durven nemen en af en toe mogen mislukken zonder hen daarvoor te straffen. Wie nooit mislukt, is volgens mij niet goed genoeg, want die neemt nooit risico’s.”

“Ik ben fier op wat ik daar gerealiseerd heb. Uit een rokende puinhoop bouwden we een professionele organisatie op.”

“Ook als je verandert van job, moet je elke keer jezelf heruitvinden. Het lukt niet op routine. Je moet iedere keer je comfortzone verlaten. De meesten sluiten zich op in hun comfortzone. Ze haten onzekerheid. De mens is van nature geen risiconemer. In België kennen we een ongekende welvaart, en dan zie je dat we angstig worden omdat we denken aan alles wat we zouden kunnen verliezen. Soms uiten we kritiek op de overheid omdat ze ondernemerschap te weinig stimuleert, maar het ligt ook aan de mensen zelf. De zin om te ondernemen is bij veel mensen niet aanwezig. Ik was een zeer ondernemende ambtenaar, volgens sommigen zelfs veel te ondernemend. Ken je de parabel van de Gelijkenis van de Talenten? Een rijke man geeft geld aan zijn dienaren. De een begraaft het in de grond, en geeft het na tien jaar terug. De ander verdubbelt het na tien jaar en geeft het terug.” 

Juli 2006 – april 2007: Gedelegeerd Bestuurder Federaal Geneesmiddelen Agentschap

Mei 2007 – maart 2008: Ondervoorzitter Boerenbond

2008 - vandaag: Voorzitter van Boerenbond

In  2006 begon de ‘ondernemende ambtenaar’ Vanthemsche zich te vervelen, en dan wordt hij heel lastig. Hij solliciteerde om directeur te worden van het Europees Voedselagentschap, maar strandde op de tweede plaats. Toen kreeg hij het aanbod van de Boerenbond, maar pas een jaar later zou hij er effectief als voorzitter starten. In tussentijd richtte hij het Geneesmiddelenagentschap en was hij zelfs even griepcommissaris. Bij de Boerenbond belandde hij opnieuw bij de landbouwers, die hij als veearts al leerde doorgronden. “Landbouwers zijn heel authentieke en eerlijke mensen. Als voorzitter moet je heel goed kunnen luisteren naar je achterban, ruggengraat hebben en durven zeggen wat er mogelijk en niet mogelijk is. Je moet ook voorop durven lopen en een visie ontwikkelen. Ik ben de stem van de boeren, maar de kracht zit in de sterkte van de organisatie. Ik denk nu al na over de opvolging.”  

“Veel externe gebeurtenissen, zoals een dolle koe, hebben mijn carrière beïnvloed.”

Vanthemsche benadrukt meer dan eens dat zijn carrièrestappen niet bewust gepland waren, al zocht hij gaandeweg wel bewuster naar nieuwe opportuniteiten. “Maar ik volgde altijd mijn buikgevoel. Je kan je carrière niet 100 procent plannen of voorspellen. Wie dat zegt, is een zeveraar, of neemt geen risico’s. Veel externe gebeurtenissen, zoals een dolle koe, hebben mijn carrière beïnvloed. Ook je opvoeding en je familie bepalen mee je carrière. Mijn vrouw heeft me altijd gesteund.  En schrijf maar op: ik ben een echte familieman. Mijn sociaal leven is gescheiden van mijn beroepsleven.  Op zijn achttiende zei mijn oudste zoon eens: ‘Weet jij wel wat je aan het doen bent met je gezin?’ Ik werkte toen te hard en te lang, hij wees me terecht.”
Wat zegt de toekomst? Vanthemsche, slim als hij is, laat niet in zijn kaarten kijken. “Tot begin 2018 ben ik voorzitter van de Boerenbond. Wait and see. (fijntjes) Maar als ik me begin te vervelen, dan is de tijd om te gaan, gekomen.”

Auteur : Sam De Kegel – FOTO Luc Grodts